Tegengaan introductie uitheemse organismen via ballastwater

NL
  Nieuws & Agenda

Invasies van uitheemse plant- en diersoorten en andere organismen vormen een bedreiging voor kustgebieden. Zowel in ecologische als economische zin kan enorme schade optreden. Veel van deze organismen reizen als verstekeling mee in het ballastwater van zeeschepen.

IMARES (Institute for Marine Resources & Ecosystem Studies) en het NIOZ (Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek) spelen een belangrijke wetenschappelijke rol bij het tegengaan van de ongewenste introductie van soorten via lozing van ballastwater. Dat gebeurt in het kader van het programma Ballast Waterresearch, uitgevoerd in de vestigingen van de Wageningen UR in Den Helder en op Texel.
De onderzoekers testen behandelingsinstallaties van ballastwater op hun effectiviteit. Naar verwachting worden binnen enkele jaren goedgekeurde installaties op zeeschepen geïnstalleerd, een belangrijke stap om de verspreiding van uitheemse organismen tegen te gaan.

Management Conventie

Om de introductie van uitheemse organismen te verminderen, heeft de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) in 2004 de Ballastwater Management Conventie opgesteld. De essentie van deze afspraak is dat in de periode 2009 – 2016 zeeschepen voorzien moeten zijn van een goedgekeurde behandelingsinstallatie die het ballastwater vrijmaakt van organismen.
Deze installaties worden nu ontwikkeld. Ze werken meestal met een filter, waarna de overgebleven organismen worden gedood met behulp van biociden of UV-straling. Als het gaat om biociden, mogen deze chemische middelen bij lozing natuurlijk geen gevaar opleveren voor het zeemilieu.
Onderzoekers in de laboratoria van IMARES  en NIOZ zijn in staat om behandelingsinstallaties volgens de richtlijnen van IMO te testen. Daarbij gaat het zowel om de effectiviteit van de behandeling (worden de organismen daadwerkelijk gedood) als om de ecotoxicologische effecten van het behandelde ballastwater na lozing (geen residuwerking). Hiervoor zijn nieuwe methoden ontwikkeld, bijvoorbeeld de herkenning van algen met een elektronische camera en nieuwe telmethoden voor ziekteverwekkende bacteriën.

Aantasting van de biodiversiteit
Het gebruik van ballastwater is noodzakelijk voor de stabiliteit van zeeschepen Inname en lozing van dit water vindt meestal plaats in havens, maar soms ook op open zee. Jaarlijks vindt zo transport plaats van tien miljard ton ‘vreemd’ zeewater. Met dit ballastwater worden veel planten en dieren van het ene zeegebied naar het andere getransporteerd. Dat leidt tot aantasting van de biodiversiteit op de plek van lozing.
Dit probleem is overigens niet nieuw. In de Gouden Eeuw leidde transport over zee vanuit Zuidoost Azië tot de introductie van de paalworm in Nederland. Met alle gevolgen van dien voor de stabiliteit van zeedijken, toen nog gemaakt met behulp van houten palen.
Een exoot die de vorige eeuw per ongeluk werd geïntroduceerd in Noordwest-Europa is de wolhandkrab. De enorme uitbreiding van deze krabsoort leidt tot schade aan rietkragen, dijken, dammen en gemalen.  
Ging het in het verleden nog om enkele uitheemse soorten, tegenwoordig ontdekken onderzoekers elk jaar meer dan twee nieuwe soorten in de kustgebieden rond de Noordzee. Dat is mede het gevolg van het snelle zeetransport waardoor organismen makkelijker kunnen overleven in het ballastwater.

Toelatingen
Op dit moment is de Ballastwater Management Conventie nog niet door het vereiste aantal landen ondertekend. Reden daarvoor is dat er nog weinig gecertificeerde behandelingsinstallaties waren. Inmiddels hebben de onderzoeksactiviteiten in Den Helder en op Texel geleid tot diverse toelatingen. De verwachting is nu dat binnen enkele jaren veel zeeschepen zijn voorzien van een effectieve behandelingsinstallatie. Diverse zeevaartbedrijven onderhandelen hierover met producenten.
De totale markt voor behandelings- en meetapparatuur voor ballastwater wordt geschat op acht miljard euro. De beste oplossing is een ‘ballastloos’ schip, maar dat bestaat nog niet. Er wordt wel onderzoek naar gedaan. Het ideale schip moet zowel in geladen als ongeladen toestand zeewaardig zijn.

Links:
Ballast Water toxicity experiments
IMARES
Royal Netherlands Institute for Sea Research (NIOZ)
International Maritime Organisation (IMO)

  
Print deze pagina

Contact
Klaas Kaag
T: 0317 – 487129
 
Projectgegevens
Project:
Ballast water toxicity experiments

Opdrachtgever: 
International Companies

Financiering:

International Companies

Partners binnen Wageningen UR:
IMARES

Partners buiten Wageningen UR:
Royal Netherlands Institute for Sea Research (NIOZ)

Projectverantwoordelijke:
Klaas Kaag

Subthema:
  • Klimaat en water
  • klimaat en natuur